Schoolgids

Voorwoord

Voor u ligt de schoolgids van Openbare Basisschool Soest locatie: de Egelantier. Openbare Basisschool Soest bestaat uit twee scholenclusters. Onze school kent nog twee locaties: locatie Kunstmagneetschool de Egelantier en de Buut (Dalton). Kunstmagneetschool De Egelantier is de hoofdlocatie. De locatie de Buut (Dalton) blijft als dislocatie in zijn eigen gebouw aan de Willaertstraat. Onze school heeft de formatieplaatsen naar rato verdeeld over de twee locaties. In totaal zijn er ongeveer 35 personeelsleden werkzaam (parttime en fulltime). De school wordt aangestuurd door een directeur en een adjunct-directeur.

Eem-vallei Educatief

Op 1 januari 2005 is door de Gemeente Soest het bestuur van het openbaar onderwijs overgedragen aan de Stichting Eem-vallei Educatief. Stichting Openbaar Primair Onderwijs Eem-vallei Educatief is het bevoegd gezag van de basisscholen in Baarn, Barneveld, Bunschoten, Nijkerk, Scherpenzeel, Soest en Woudenberg. Er is regelmatig overleg door middel van een bestuurscommissie, directievergaderingen en de Regionale Medezeggenschapsraad. Voor verdere informatie kunt u terecht op de web-site: www.eem-valleieducatief.nl Zie bijlage, nuttige adressen voor adres en telefoonnummers.


De overheid

De minister van onderwijs schrijft niet langer voor wat scholen moeten doen. Scholen mogen dit steeds meer zelf aanpassen aan de omstandigheden. Wel moeten scholen hun inspanningen en resultaten verantwoorden aan de overheid en de ouders. Hiervoor heeft de overheid de “kwaliteitswet” aangenomen. Deze wet bestaat uit de volgende onderdelen:

  • de onderwijsgids voor de Basisschool en het Voortgezet Onderwijs.
    In deze gidsen staat informatie over rechten, plichten en mogelijkheden binnen het onderwijs. Deze gidsen worden uitgegeven door de landelijke overheid en verspreid door de gemeentes.
  • het schoolplan waarin de school vertelt hoe zij onderwijs geeft, met welke methodes en hoe zij personeel en geld inzet.

Dit schoolplan wordt gemaakt door de school. Ook de veranderingen waaraan de school werkt staan hierin.

  • de schoolgids, een document voor ouders met informatie over de school. In de gids is ook de klachtenregeling opgenomen.
  • de klachtenregeling is de regeling waarin het bestuur vastlegt hoe zij omgaat met klachten van ouders. Een exemplaar van de klachtenregeling ligt op school ter inzage.

 

De schoolgids

De schoolgids is een gids voor ouders van leerlingen en voor ouders die voor hun kinderen een school moeten kiezen. De medezeggenschapsraad geeft haar instemming aan de schoolgids, waarna deze wordt gepubliceerd. Alle gezinnen ontvangen één keer in de twee jaar de schoolgids. In het jaar dat er geen schoolgids wordt gepubliceerd ontvangen alle ouders wel een uitgebreide bijlage van de schoolgids. Nieuwe ouders en aspirant-ouders ontvangen een schoolgids bij inschrijving of eerste schooldag.


De school

Visie van de Openbare Basisschool Soest

Het openbaar onderwijs ziet de school als een pedagogische leefgemeenschap, waarbij leren, in de ruimste zin van het woord centraal staat. Wij laten kinderen in hun waarde en respecteren hun eigenheid. Maar wij accepteren niet alles. Vrijheid kan alleen binnen de grenzen van een duidelijke structuur.

Leerkrachten werken met kinderen vanuit een “pedagogisch optimisme”: leerkrachten kijken wat een kind al kan en van daaruit stimuleren zij het kind. Zo ontwikkelt het kind zich verder. Peilers van goed onderwijs zijn humor, communicatie en creativiteit, zij zorgen ervoor dat de leerkrachten hun onderwijs zo inrichten dat een optimaal resultaat wordt behaald. Zij zoeken naar een evenwicht tussen wat kinderen willen/kunnen en dat wat “gehaald moet worden”. De doelen die wij als organisatie, maar ook als afzonderlijke locaties, nastreven, kunt u terug vinden in de kerndoelen primair onderwijs, zoals geformuleerd in artikel 13, lid 1a van de Wet Primair Onderwijs. De inhoud van het onderwijs houdt rekening met de verschillen in achtergrond van kinderen. Deze verschillen kunnen van verscheidene aard zijn zoals; culturele achtergrond, sociale en psychische achtergrond. Maar ook de talenten die kinderen hebben, kunnen sterk verschillen. We bieden elk kind juist die ononderbroken ontwikkeling die past bij zijn/haar talenten. Alle kinderen hebben recht op methodes waarin zij zichzelf kunnen herkennen en waarin een positieve kijk wordt gegeven op de veelkleurigheid en de veelzijdigheid van onze samenleving. Eén en ander is samen te vatten in het motto: eenheid in verscheidenheid. Goed onderwijs bevordert respect voor anderen. In de praktijk betekent dit dat u in de scholen het volgende kunt zien en ervaren:

  • Wij stimuleren de kinderen op een positieve manier. Het goede belonen heeft voorrang boven het verkeerde straffen. Dit uit zich in veel aandacht voor een goede omgang met elkaar, het duidelijk stellen van grenzen en het bevorderen van samenwerking. Zo stimuleert de leerkracht de kinderen in hun eigen ontwikkeling.
  • Wij bevorderen de zelfstandigheid van de kinderen door hen verantwoordelijkheid te geven voor hun eigen werk. Dit gebeurt op een manier die bij hun leeftijd past. Een systeem van zelfstandig werken is hiervoor een haalbaar middel.
  • Om ook tijdens de uitleg kinderen zoveel mogelijk op hun eigen niveau aan bod te laten komen wordt gewerkt met een model van verlengde instructie.
  • Samenwerking met ouders is noodzakelijk voor het realiseren van onderwijs waarin kinderen zich kunnen herkennen. Wij stimuleren ouders om betrokken te zijn bij het onderwijs van hun kind(eren). Wij accepteren dat de uiting die ouders aan deze betrokkenheid geven, kan verschillen. Wij zijn naar ouders toe open: wij vinden het heel belangrijk dat u ons vertelt wat u belangrijk vindt in de opvoeding van uw kinderen. Wij van onze kant zijn duidelijk in waarvoor wij staan en verantwoorden naar u de resultaten van wat wij beloofd hebben.
  • Wij werken volgens een plan. Omdat wij veel van de kinderen verwachten, dagen wij de kinderen uit om hard te werken. Om de resultaten van het onderwijs te toetsen, gebruiken wij een leerlingvolgsysteem. De uitslagen van de toetsen gebruiken wij om het onderwijs aan te passen. Zowel voor individuele kinderen als voor het onderwijs van de school als geheel. Op deze manier controleren wij of wij onze doelen bereikt hebben.
  • Om dit allemaal te laten slagen moet er in het schoolteam onderling vertrouwen zijn. Hieraan werken wij hard. De schoolleiding heeft hierin een leidende rol. Zij ontwikkelt, bevordert en/of behoudt, door zelf het goede voorbeeld te geven, een sfeer van veiligheid en vertrouwen. Ook hierbij is het goede belonen effectiever dan het verkeerde straffen.

Uw inbreng als ouder is van groot belang: wij, leerkrachten en schoolleiding, willen graag dat u ons regelmatig laat weten wat u vindt van wat wij doen. Wij zullen daardoor in staat zijn werk van hoge kwaliteit te leveren.

De locatie

Wat mag u van de school de Egelantier verwachten. Onze school is een plaats in de buurt waar kinderen en volwassenen met verschillende culturele en religieuze achtergronden elkaar ontmoeten. Vanuit onze openbare achtergrond willen wij een ontmoetingsplaats zijn waar kinderen en volwassenen met elkaar en van elkaar kunnen leren. Deze ontmoeting is van groot belang, omdat alleen het elkaar leren kennen kan leiden tot wederzijds respect en vriendschap. Spelen en leren zijn pas mogelijk in een school met een prettig sfeer waarin mensen zich veilig voelen en elkaar respecteren. Onze school wil er al het mogelijke aan doen om het zelfvertrouwen van de kinderen te versterken. Uitstekende sociale vaardigheden, maximale ontwikkeling van de cognitieve mogelijkheden en een brede culturele vorming moeten onze kinderen een krachtig gevoel van eigenwaarde geven. Onze school moet een plaats zijn waar kinderen, ouders en leerkrachten trots kunnen tonen wie ze zijn en wat ze kunnen. Daartoe zullen we elkaar–ieder vanuit onze eigen verantwoordelijkheid–moeten uitdagen en begeleiden. Dit vraagt in ons geval ook om een vertrouwd raken met elkaars culturele achtergronden en attitudes. In het Breed Educatief Centrum heerst een pedagogisch klimaat waarin kinderen, ouders en schoolteam zich veilig weten. Een veiligheid door wederzijds vertrouwen en respect maar ook door duidelijk geformuleerde regels. Wij beiden de kinderen structuur. Duidelijkheid, regels en grensafbakening zijn voorwaarden voor optimale ontwikkeling van de sociale-, de cognitieve- en de creatieve ontwikkeling. Binnen een gestructureerde leeromgeving bieden we gedifferentieerde instructie.

2.3 Kunstmagneetschool

Kunstmagneetschool: een verdieping van ons onderwijs Naast de verplichte leerstof, de kennisvakken zoals taal, rekenen, lezen en wereldoriëntatie, die alle basisscholen moeten onderwijzen, wordt ruim aandacht besteed aan muziek en creativiteit. Dat noemen we magneetvakken. Magneten trekken aan en deze magneetvakken maken ons onderwijs dan ook extra aantrekkelijk, vooral omdat zij het zelfvertrouwen van de kinderen vergroten. Zij bieden de kinderen de mogelijkheid om te genieten en om zowel binnen als buiten de school te laten zien wat ze kunnen.

Wereldschool Onze school neemt deel aan het project Wereldschool, een initiatief van het Landelijk Bureau ter bestrijding van Rassendiscriminatie (LBR). We worden begeleid door het Multicultureel Instituut Utrecht (MIU). Doel van dit project is een school te willen zijn waar iedereen welkom is en zich thuis voelt. Een school waar een prettig pedagogisch klimaat en een veilige sfeer is. Waar wederzijds respect en verdraagzaamheid belangrijke uitgangspunten zijn die doen en denken bepalen.Aan dit project wordt ieder schooljaar weer aandacht besteed en er zijn uitwisselingen met een school in de buurt.

Verklaring Wereldschool Wij, leerlingen, leerkrachten, ouders en bestuur verklaren dat we een WERELDSCHOOL zijn waar

  • iedereen zich welkom en veilig kan voelen
  • we respect hebben voor verschillen in uiterlijk,
    land van herkomst of cultuur
    en elkaar de ruimte geven.
  • niemand mag gepest worden,
    en als dit toch gebeurt dan zeggen we daar iets van
    we elk jaar een Wereldschoolactiviteit
    voor de hele school organiseren.
  • Hiervoor willen we op school allemaal ons uiterste best doen zodat het voor iedereen fijn is om hier te zijn, met elkaar te werken en te leren van elkaar.

Ligging van de school

De Plantage in Soest is veel meer dan een basisschool en veel meer dan een buurthuis. Veel meer dan een speelzaal en veel meer dan een speelotheek… de Plantage in Soest is een Breed Educatief Centrum. Alle instellingen die gevestigd zijn in de Plantage werken samen vanuit dit gebouw, zonder dat dit ten koste gaat van hun eigen identiteit. Integendeel. Maar krachten worden nu wel gebundeld! En daardoor ontstaat ongekende mogelijkheden. De instellingen die in de Plantage zijn gevestigd zijn; Kunstmagneetschool de Egelantier, Stichting Kinderopvang Soest (SKS) met peuterspeelzaal Pippeloentje en buitenschoolse opvang de Boomhut, Stichting Balans,en Mickey’s Kinderdagverblijf. In december 2004 won de Egelantier met dit concept bij de scholenbouwprijs de vernieuwingsprijs!

Zorgverbreding/leerlingenzorg

Individuele hulpverlening moet er toe leiden dat belemmeringen in het leerproces zoveel mogelijk worden weggenomen. Binnen onze school krijgt deze hulpverlening, ook zorgverbreding genoemd, zo veel mogelijk aandacht. Extra hulp wordt ook buiten de klas gegeven, wanneer daar binnen de toegekende personeelsformatie ruimte voor is. Eén of meer leerkrachten voeren deze werkzaamheden binnen hun weektaak uit. Door deelname aan het Samenwerkingsverband Eemland, waarin basisonderwijs en speciaal onderwijs intensief gaan samenwerken, ontstaan er onder meer mogelijkheden voor collegiaal overleg en profiteren leerkrachten zo van elkaars kennis op dit zorgverbredinggebied. De school doet dan ook van harte mee aan dit project. Zo proberen we steeds verder te komen tot “Zorg op maat”.

Het jonge kind

Naast de inzet van extra personele faciliteiten, is er met betrekking tot het jonge kind ook sprake van inzet van extra middelen. Hierin speelt multimediaal onderwijs een grote rol. Onze stelling is, dat structurele investeringen in de onderbouw haar vruchten afwerpen, als deze leerlingen in de bovenbouw komen. Op gebied van professionalisering zijn leerkrachten extra geschoold op taalverwerving en klankonderwijs. De kinderen in de groepen 1 en 2 (jongsten en oudsten) zitten altijd in een gemengde groep. De achterliggende gedachte hierbij is het streven naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; de jongsten leren van de oudsten. Gewoontevorming, dat is het leren en hanteren van regels, loopt als een rode draad door deze groep. De taalontwikkeling en het positief leren omgaan met elkaar staan centraal. We werken met het Kaleidoscoopproject waardoor er veel differentiatie mogelijkheden zijn. Ook werken we aan het prentenboekproject waarbij taalstimulering centraal staat. De vakgebieden komen in samenhang aan de orde. Dit gebeurt aan de hand van thema's en projecten die actueel of belangrijk zijn voor de belevingswereld van jonge kinderen. Het spelen in hoeken is een belangrijke schakel in de taalvorming, sociaal emotionele ontwikkeling en ruimtelijk inzicht. Naast vele materialen die de ontwikkelingsgebieden stimuleren, zijn er ook materialen die de kinderen voorbereiden op het schrijven, lezen en rekenen in groep 3. Dit jaar werken we verder aan de uitbreiding van de taalhoek met onder andere een luisterhoek, een computerhoek en een stempelhoek .Ook zijn wij bezig in nauwe samenwerking met de peuterspeelzalen om zo een betere afstemming en een doorgaande lijn te ontwikkelen. Het invoeren van Kaleidoscoop op zowel enige peuterspeelzalen als op enkele locaties bij het openbaar onderwijs zijn hier een voorbeeld van. Het bewegingsonderwijs in de vorm van o.a. kleutergym, bewegen op muziek, en "vrij spel" is van groot belang voor de ontwikkeling van het jonge kind.

Wat is Kaleidoscoop? Kaleidoscoop is een onderwijsmethode voor peuters en kleuters. Het is een manier om de ontwikkeling van uw kind te stimuleren. De leidsters of leerkracht kijkt goed naar uw kind. Naar wat uw kind kan, wil en leuk vindt om te doen. Samen met de leidster of leerkracht bedenkt uw kind wat het die dag wil doen. Uw kind is zelfstandig bezig. De leidster of leerkracht helpt uw kind als dat nodig is. Elke dag schrijft de leidster of leerkracht op wat uw kind heeft gedaan. De leidster of leerkracht van de speelzaal en de onderbouw van de basisschool werken met elkaar samen. De overgang van de speelzaal naar de basisschool is daardoor voor uw kind gemakkelijker. Iedere groep wordt begeleid door twee leidsters of leerkrachten.,er is dus extra aandacht voor uw kind.

Wat leren kinderen van Kaleidoscoop? Door Kaleidoscoop leren kinderen:

  • zelfstandig werken
  • plannen maken en uitvoeren
  • met volwassenen en andere kinderen omgaan
  • problemen oplossen.

Daardoor leren kinderen nadenken. Ze krijgen zelfvertrouwen en een positief beeld van zichzelf.

Uit onderzoek blijkt dat Kaleidoscoop kinderen een goede voorbereiding biedt op het onderwijs in lezen en schrijven, taal en rekenen. Tekenen en schilderen zijn bijvoorbeeld een goede voorbereiding voor het schrijven. Als kinderen verhalen en rijmpjes verzinnen, zijn ze bezig met taal. Blokken sorteren op vorm, kleur of grootte is een goede oefening voor het rekenen. Samen met de leidster of leerkracht een prentenboek bekijken is een voorbereiding op het lezen.

Voor wie Kaleidoscoop? Kaleidoscoop is voor kinderen van ongeveer twee tot en met zes jaar. Kaleidoscoop is er ook voor ouders. Omdat u uw kind goed kent, wil de leidster of leerkracht graag met samenwerken. U kunt met uw vragen bij de leidster of leerkracht terecht. U krijgt regelmatig informatie over hoe het met uw kind gaat.

Vak- en vormingsgebieden

Zelfstandig werken

De bevordering van het zelfstandig leergedrag vinden wij als school een belangrijk aspect van ons werk met de leerlingen. Bij het zelfstandig werken wordt er van de kinderen verwacht, dat ze na de instructie van de leerkracht een bepaalde tijd (afhankelijk van de jaargroep) zelfstandig aan een bepaalde opdracht kunnen werken. Elke door ons gebruikte methode hanteert deze werkvorm. Met deze werkvorm streven wij een aantal pedagogische en onderwijskundige doelen na: Pedagogische doelen:

  • bevorderen van zelfstandigheid
  • leren samenwerken
  • zelf oplossingen bedenken
  • verantwoordelijkheid geven
  • verantwoord omgaan met materiaal

Onderwijskundige doelen:

  • differentiëren
  • extra hulp bieden tijdens zelfstandig werken
  • observeren

Bij het zelfstandig werken wordt gebruik gemaakt groene en rode symbolen. Het symbool op rood betekent niet storen. Is het teken op groen dan betekent dat, dat je de leerkracht vragen kunt stellen. De huidige situatie is nog niet de gewenste situatie, met andere woorden het zelfstandig werken wordt regelmatig kritisch geëvalueerd en bijgesteld.

Rekenen

In de groepen 3 tot en met 8 wordt gewerkt met de rekenmethode “Pluspunt Nieuw”. Wij hebben voor deze methode gekozen omdat de methode goed aansluit bij onze gestelde doelen. De minimum- en basisdoelen zijn per halfjaar vastgesteld, onze manier van instructie geven houdt rekening houden met verschillen die er tussen kinderen zijn, de leeractiviteiten voor de leerlingen (opklimmende moeilijkheidsgraad, stimuleren probleemoplossend denken) en de leertijd die beschikbaar is in een leerjaar. Bovendien vinden wij het belangrijk dat veel rekensituaties herkenbaar zijn voor de leerlingen. Het sterke punt van de realistische rekenmethode is het feit dat de kinderen leren inzicht te krijgen in datgene waar ze dagelijks mee bezig zijn. In de kleutergroepen wordt met de kinderen gewerkt aan ruimtelijke ordening en ruimtelijke relaties, taal- en rekenbegrippen, meetactiviteiten, oriëntatie in de tijd en de ontwikkeling van het getalbegrip. Ook wordt er gewerkt met Pluspunt op de computer. Naast de toetsen van de methode, wordt er twee keer per jaar een methodeonafhankelijke toets van het Cito afgenomen.

Nederlandse Taal

Het taalonderwijs vinden wij een heel belangrijk onderdeel van het onderwijsprogramma. Taal is een instrument dat de kinderen elke dag in allerlei situaties nodig hebben: communiceren, de wereld om je heen verkennen en te leren ordenen. Zowel de mondelinge als de schriftelijke vaardigheden krijgen ruime aandacht in ons onderwijs. Wij willen graag dat kinderen actief, creatief en expressief met taal bezig zijn. In groep 3 worden veel taalactiviteiten afgeleid van de leesmethode Veilig Leren Lezen. In groep 4 t/m 8 gebruiken we de taalmethode “Zin in taal”. “Zin in taal” is een complete methode taal en spelling en bevat leerlijnen voor spreken., luisteren, woordenschat, woordbouw, zinsbouw en schrijven. De methode biedt een goede mogelijkheid tot differentiëren en is ook bijzonder geschikt voor allochtone kinderen. Naast de toetsten van de methode, worden de Citotoets spelling en begrijpend lezen afgenomen.

Lezen

Bij groep 1 en 2 stimuleren wij de belangstelling van het kind voor de geschreven taal en het zich eigen maken van begrippen en vaardigheden die belangrijk zijn voor het aanvankelijk lezen.

In groep 3 begint het leesproces. De kinderen leren lezen met de methode “Veilig Leren Lezen”. In groep 3 staat het leesproces centraal. Wij vinden een goede leesontwikkeling voor het kind erg belangrijk omdat het lezen het kind in staat stelt zich goed te ontwikkelen binnen de andere vakgebieden. Naast het leren lezen (aanvankelijk lezen) onderscheiden wij het technische lezen, begrijpend lezen en studerend lezen. Het technisch lezen begint in de tweede helft van groep 3. Het technisch lezen begint met niveau 1 en stopt bij niveau 9. Wij letten bij technisch lezen met name op het leestempo, het correct lezen van woorden en de juiste intonatie. Twee keer per jaar toetsen wij het Avi-niveau van de kinderen.

Vanaf groep 4 t/m 8, gebruiken wij de leesmethode “Onderste boven van lezen”. Het gecombineerd gebruiken van de methodes “Onderste boven van lezen” en “Zin in taal” levert een duidelijke meerwaarde op. In beide methodes worden vanuit dezelfde thematiek woorden aangeboden en behandeld. In deze methode komen alle aspecten van lezen in samenhang en systematisch aan de orde: technisch lezen, begrijpend lezen, informatie verwerven, leesbevordering en vrij lezen. Periodiek worden er methodeonafhankelijke toetsen van het Cito afgenomen.

Schrijven

Met het schrijfonderwijs willen wij bereiken dat de kinderen een goed leesbaar en vlot handschrift ontwikkelen. Bij de kleuters ligt het accent met name op de ontwikkeling van de grove en fijne motoriek. Vanaf groep 3 wordt gewerkt in schrijfschriften. Schrijfhouding, pengreep en de ontwikkeling van een vlotte schrijfbeweging krijgen bij het schrijfonderwijs veel aandacht. Vanaf groep 7 worden kinderen gestimuleerd tot de ontwikkeling van een persoonlijk handschrift, waarbij vooral duidelijkheid en snelheid voorop staan.

Wereldoriëntatie

Wereldoriëntatie is een aanduiding voor de vakgebieden aardrijkskunde, geschiedenis, natuuronderwijs en maatschappelijke vorming. In de groepen 1 t/m 4 worden de kennisgebieden zoveel mogelijk in samenhang aangeboden. De kinderen leren hun wereld verkennen: wereldverkennende activiteiten. De activiteiten worden in thema's aangeboden. In de thema's zijn begrippen en kennis afgestemd op de leeftijd van de leerlingen en sluiten zoveel mogelijk aan bij de belevingswereld van de kinderen. Wij zijn ons momenteel aan het oriënteren op een nieuwe, methode.

Informatica

In onze samenleving brengt informatietechnologie een dynamiek teweeg die zijn weerga niet kent. Dit heeft ook op scholen steeds meer invloed Het werken met computers en kennis hiervan is erg belangrijk. Het biedt de leerling en de leerkracht meer dan ooit mogelijkheden om zelfstandig te leren. Bij veel van de nieuwe methodes zijn computerprogramma's ter ondersteuning van het leren, deze programma's worden gebruikt voor herhaling of verdieping van de aangeboden stof. Elke groep heeft tenminste drie computers tot zijn beschikking en er wordt hard gewerkt aan verbetering en uitbreiding van het computergebruik. Door het ministerie zal er extra geld geïnvesteerd worden voor deskundigheidsbevordering en aanschaf van de nieuwste technologie. Het onderwijs met behulp van computers en het onderwijs over computers vinden we van groot belang. Dagelijks wordt er voor veel leer- en ontwikkelingsgebieden geoefend met behulp van de computer. Kinderen leren ook over de computer en leren omgaan met informatiebronnen zoals Internet.De school heeft de beschikking over een goed functionerend netwerk.

Expressievakken

Wij onderscheiden hierbij drie deelgebieden: beeldende vorming, dramatische vorming en muzikale vorming

Beeldende vorming-tekenen

  • Er wordt in de tekenlessen aandacht besteed aan de aspecten vorm, kleur, contrast, licht, schaduw, natuur en ruimte.

Handvaardigheid

  • In elke groep worden zoveel mogelijk verschillende technieken, materialen en werkvormen aangeboden. Wij vinden het belangrijk dat de kinderen de mogelijkheden van materialen en technieken leren ontdekken en gebruiken in de praktijk. De eigen creativiteit staat in de uitwerking van de opdracht centraal. Wij proberen de kinderen te stimuleren een eigen creatie te ontwerpen, om daarmee te voorkomen dat de kinderen elkaar nabootsen. Het proces dat het kind doorlopen heeft vinden wij belangrijker dan het eindresultaat.

Muziek

  • Dit schooljaar krijgen we de beschikking over een vakdocent muziek.Plezier hebben in muziek staat in de lessen voorop. De kennis en vaardigheden van de kinderen worden tijdens de muziekles ingezet. Hierbij kunt u bijvoorbeeld denken aan het luisteren naar elkaars favoriete muziek, elkaar leren van een lied, bespelen van een instrument, dans en beweging.

Bewegingsonderwijs

De kinderen uit de groepen 1 en 2 hebben iedere dag bewegingsonderwijs in de speelzaal of op de speelplaats van de school. In de speelzaal het liefst op blote voeten en in ondergoed. De lessen bewegingsonderwijs voor de groepen 3 t/m 8 vinden buiten school plaats. Eén van de lessen wordt gegeven door de vakleerkracht en de andere les wordt gegeven door de eigen leerkracht. Op het gymnastiekrooster kunt u zien wanneer uw kind gymkleding moet meenemen. Voorzie gymkleding a.u.b. van een naam. In de zalen moeten sportschoenen gedragen worden, die niet buiten gedragen zijn Ook zijn schoenen met zwarte zolen niet toegestaan.

Schoolzwemmen

De kinderen uit groep 3 en 4, ook zij die al een diploma hebben, nemen deel aan het schoolzwemmen. Dat gebeurt in het instructiebad "Spleasure Centrum“ op maandagochtend. Een leerkracht gaat mee als begeleider van de groep.

Cito-toetsen

De school toetst met onafhankelijke Cito-toetsen de vaardigheid, woordenschat, klanken, begrippen en zinsvorming in groep 1 en 2. De Cito-toetsen voor: rekenen, spelling, begrijpend lezen en woordenschat worden in de groepen 3 t/m 7 afgenomen. Groep 7 doet ook de Cito entree–toets en groep 8 neemt deel aan de Cito eindtoets.

Huiswerk

De kinderen kunnen vanaf groep 4 huiswerk mee naar huis krijgen. Hoewel de kinderen van groep 1 tot en met 3 nog geen echt huiswerk mee krijgen zijn er vele dingen die u thuis kunt doen. Wist u dat het erg goed is voor de taalontwikkeling van uw kind om iedere dag een stukje voor te lezen? Dat geldt niet alleen voor kleuters, maar ook voor oudere kinderen. U kunt met uw kind gratis boeken lenen bij de bibliotheek. Voor de ouders van groep 3 is er natuurlijk het overstapproject, waarbij u een koffer vol materiaal mee naar huis krijgt .Thuis kunt u dan samen met uw kind spelletjes doen en lezen.

Leermiddelen

De school verzorgt voor de leerlingen de inkoop van leermiddelen en materialen. Hieraan zijn voor ouders geen kosten verbonden. Een aantal materialen verstrekken we eenmalig, zoals een potlood, vulpen, liniaal. De genoemde materialen hebben kinderen nodig tot en met groep 8. Alles wordt voorzien van een naam, en de leerlingen zijn er dan mede verantwoordelijk voor dat er zorgvuldig mee wordt omgegaan. Worden er zaken moedwillig vernield, dan nemen wij contact met u op om tot een vergoedingsregeling te komen.

Schooltelevisie

In diverse groepen volgen we ook dit jaar weer een aantal series, die door de Nederlandse Onderwijs Televisie worden uitgezonden. Het kan voorkomen dat bepaalde series opgenomen worden op de video, zodat er op een ander tijdstip gekeken kan worden. Wij houden u van de te volgen series en uitzendtijden op de hoogte.

Gemiddeld aantal uren

Onderbouw (groep1 t/m 4 )
Kinderen in groep 1 t/m 4 gaan 23½ uur per week naar school , wat neerkomt op 900 uur per schooljaar.
Bovenbouw (groep 5 t/m 8 )
Kinderen in groep 5 t/m 8 gaan 26 uur per week naar school, dit komt neer op 1018 uur per schooljaar.


Het schoolklimaat

Omgaan met elkaar

Wij vinden het op onze school erg belangrijk dat iedereen zich op zijn gemak voelt. Leren gaat immers veel gemakkelijker in een prettige omgeving. Wij besteden dan ook bewust tijd aan een manier van omgaan met elkaar waarmee wij dit denken te bereiken. Hiervoor hebben wij een aantal uitgangspunten geformuleerd:

  • Wij gaan met elkaar om vanuit een positieve instelling. Wij stimuleren elkaar het goede in een ander te zien. In de praktijk betekent dit dat er heus wel eens straf wordt gegeven, maar dat de nadruk ligt op het belonen van goed gedrag.
  • Wij stimuleren kinderen om ruzies en meningsverschillen zelf op te lossen. Wanneer zij er zelfstandig niet uitkomen, gaan zij naar de volwassene die op dat moment toezicht houdt. In de klas is dit de leerkracht en tussen de middag kan dit een “overblijfmoeder” zijn.
  • De leerkrachten besteden het hele jaar aandacht aan de manieren om respectvol met elkaar om te gaan.
  • Enige tijd geleden hebben alle leerkrachten van Openbare School Soest een nascholingscursus communicatie afgesloten. De cursus “Effect” heeft de deskundigheid van leerkrachten op het gebied van communicatie naar leerlingen verder vergroot. De leerkrachten proberen de opgedane kennis dagelijks in praktijk te brengen.
  • Wat voor onze kinderen geldt, geldt ook voor onze ouders. U kunt altijd terecht bij de leerkracht wanneer u vindt dat het met uw kind op school niet zo goed gaat. Komt u er samen met de leerkracht niet uit dan is de directeur de eerste om samen met u naar een oplossing te zoeken. Uiteraard vinden wij het ook leuk om te horen dat u tevreden bent.

Als u er samen niet uit komt (klachtenregeling)

Wanneer u het niet eens bent met een beslissing die een leerkracht neemt betreffende uw kind, dan kunt u in eerste instantie terecht bij deze leerkracht. Wanneer u er samen niet uitkomt, is het de taak van de directie om een bemiddelende rol te spelen. Als u klachten heeft over het beleid of als het niet lukt om op uw klacht op te lossen kunt u een formele klacht indienen. U kunt dit doen bij het bevoegd gezag:


Eem-vallei Educatief
Contactpersoon: de heer H. van der Zwaag, directeur personeelszaken

Of

Contactpersoon: de heer L. Schumer, Algemeen directeur
Stationsweg 62-a
3771 VH BARNEVELD

Of u kunt uw klacht indienen bij de klachtencommissie. De school is aangesloten bij de landelijke klachtencommissie van V.O.S. (de Vereniging van Openbare Scholen in Nederland).

Op ieder locatie is een contactpersoon aanwezig om u te helpen als u dit wilt. Voor de juiste contactpersoon verwijzen wij u naar de bijlage, hoofdstuk Formatie.

Zorg voor de omgeving

Het schoonmaken van het gebouw wordt uitbesteed aan een schoonmaakbedrijf. Wij vinden echter dat ook de kinderen betrokken moeten zijn bij de zorg van hun school en omgeving. In elke groep is er een klassendienst waarbij kinderen verantwoordelijk zijn voor verschillende taken bijv. planten water geven, vegen etc. Deze taken worden direct na schooltijd uitgevoerd en duren hooguit 10 minuten. De takenverdeling begint elke maandag en duurt 1 week.

Zorg voor jezelf

Wij letten op elkaar op een positieve manier en zorgen voor onze omgeving. Daarnaast leren wij kinderen dat hun eigen gezondheid ook belangrijk is. Op verjaardagen mag er natuurlijk uitgedeeld worden. Wij willen liever niet dat kinderen op snoep trakteren, ook niet aan de leerkrachten. Wij zijn tevreden met hetzelfde als de kinderen krijgen.

Veiligheid

Zoals u heeft kunnen lezen ,vinden wij het belangrijk dat uw kind zich veilig en geborgen voelt op onze school. Daarom hebben we een aantal afspraken gemaakt over hoe wij met elkaar omgaan.

• Ik accepteer de ander en discrimineer niet.
• Ik scheld niet en doe niet mee aan uitlachen of roddelen.
• Ik blijf van een ander en de spullen van een ander af.
• Als iemand mij hindert, vraag ik haar of hem daarmee te stoppen.
• Als dat niet helpt, vraag ik een leerkracht om hulp.
• Als er ruzie is, speel ik niet voor eigen rechter.
• Ik gebruik binnen en buiten de school geen geweld.
• Ik help anderen om zich ook aan deze afspraken te houden.

Als uw kind een ongelukje mocht krijgen, dan doen wij het volgende:

• is het niet ernstig dan behandelen wij het kind zelf. Van de twee leerkrachten die een EHBO-diploma hebben is er altijd wel een aanwezig.
• is het ernstiger gaan wij met uw kind naar de dokter of, zo nodig het ziekenhuis. Wij bellen u dan onmiddellijk op. Het is dus belangrijk dat uw telefoonnummer
indien dit verandert bij ons doorgegeven is en dat u een extra nummer van familie of vrienden doorgeeft voor het geval dat dit nodig mocht zijn. • Bij een ongelukje wordt er een ongevallenformulier ingevuld met :
a) de aard van het ongeval.
b) De actie ondernomen.
c) Preventieve maatregel.

Op school zijn er twee personen opgeleid tot bedrijfhulpverlener Er is een brandinstallatie werkzaam en er worden regelmatig brandoefeningen gehouden.


Hoe blijft u op de hoogte van de ontwikkelingen van uw kind?

Het volgen van de ontwikkeling

Leerkrachten volgen de ontwikkeling van de kinderen door hen te observeren in hun bezigheden en door hen te toetsen. Bij jongere kinderen ligt de nadruk meer op observeren, bij oudere kinderen is een systeem van regelmatig toetsen opgebouwd. Op de basisvaardigheden taal, lezen en rekenen worden regelmatig methodeonafhankelijke en landelijk genormeerde toetsen afgenomen, naast de toetsen uit de methodes die wij gebruiken. Op deze manier houden wij zowel zicht op de ontwikkelingen van individuele kinderen als op de kwaliteit van ons onderwijs.Ook de sociaal- emotionele ontwikkeling vinden wij belangrijk, het observeren en bespreken hiervan gebeurt één maal per jaar. De individuele kinderen worden meerdere malen per jaar besproken bij de zogenaamde leerlingbespreking.

Rapporten, werkmappen en contactavonden

Twee keer per jaar worden er rapporten gemaakt. Voordat de rapporten worden uitgereikt krijgt u een brief waarin staat op welke tijd u het rapport kunt komen ophalen en dan wordt het rapport direct met u besproken.

De eerste algemene ouderavond, tevens kennismakingsavond zal in september plaatsvinden. In het begin van het schooljaar wordt u geïnformeerd over de precieze data van de contactavonden.

Het komt voor dat in de ontwikkeling van een kind duidelijk wordt dat het meer tijd nodig heeft om zich op sociaal emotioneel gebied en cognitief goed te ontwikkelen. Voor een aantal van deze kinderen komen wij voor de vraag te staan of het al dan niet verstandig is het kind naar de volgende groep te laten overgaan. In het belang van het kind, en na zorgvuldig afgewogen stappenplan, kan de school besluiten een leerling een leerjaar te laten overdoen. Tijdens het proces worden ouders goed op de hoogte gehouden en de inbreng van ouders worden in de overweging meegenomen. Uiteindelijk neemt het team, anders gezegd “de school”, het besluit. Omdat het team over alle relevante gegevens voor het totaalbeeld van een kind op school beschikt, neemt de school de verantwoording voor een weloverwogen besluit in het belang van het kind.

De leerkracht

U hoeft natuurlijk niet altijd een afspraak te maken om te zien hoe uw kind het op school doet. Buiten de formele momenten om is de klas van uw kind de plek om de sfeer te proeven. Wij vinden het leuk wanneer u voor of na schooltijd eens de klas inloopt. Mochten er zaken zijn waarover u eens wilt praten dan is de leerkracht van uw kind uw eerste contactpersoon. Aangezien het voor leerkrachten onhandig is om u te woord te staan onder schooltijd, willen wij graag dat u een afspraak maakt buiten schooltijd.

Opvoedingsvragen

Heeft u vragen over de opvoeding dan kunt u natuurlijk ons advies vragen, maar u kunt ook met al deze vragen bij de opvoedtelefoon (0900-8212205) terecht of u kunt naar het spreekuur voor opvoedingsvragen Soest op het consultatiebureau Soest (Opvoedwinkel). (Zie ook bijlage hoofdstuk “Nuttige adressen”)


Als leren niet vanzelf gaat

Het leerlingvolgsysteem

Zoals u al in het vorige hoofdstuk heeft kunnen lezen worden kinderen gevolgd. Bij de meeste kinderen verloopt de ontwikkeling zoals verwacht. Bij een aantal kinderen is dit niet het geval. Als blijkt dat er problemen zijn, kan de leerkracht eerst zelf proberen het kind extra hulp te bieden. Lukt dit niet, of vallen de resultaten op de landelijke toetsen tegen, dan roept de leerkracht de hulp in van de Interne Begeleider.

Een handelingsplan

In overleg met de Intern Begeleider maakt de leerkracht een handelingsplan. Dit plan moet ervoor zorgen dat de achterstand kleiner wordt, of liever nog, helemaal verdwijnt. Zo'n plan kan bestaan uit een speciale aanpak van de leerkracht in de klas, maar ook kan een taakleerkracht of remedial teacher helpen. In het plan staat ook hoelang met het plan gewerkt wordt. Meestal is dit 6 of 8 weken. Na deze periode wordt gekeken of de aanpak geholpen heeft. U als ouder wordt altijd op de hoogte gebracht van het handelingsplan van uw kind en u wordt verzocht dit te ondertekenen. In het plan kan ook staan dat u thuis uw kind helpt, bijvoorbeeld door iedere avond een kwartiertje hardop met uw kind te lezen, of door extra sommen met uw kind te oefenen Op ieder school is een coördinator leerling-zorg aanwezig. Voor de gehele school zijn twee intern begeleiders. Zij werken voor de 2 locaties.

Wanneer het ons alleen niet meer lukt

Soms heeft de school behoefte aan een nader onderzoek, omdat wij zelf niet goed weten waarom de ontwikkeling van uw kind niet naar wens verloopt. De school kan dan een beroep doen op de Begeleidingsdienst Eduniek. Hier werken gespecialiseerde pedagogische en didactische medewerkers. Ook is er een logopediste verbonden aan de dienst. Na een onderzoek geven zij dan een advies aan de school over een vervolg- aanpak. Voor een onderzoek van de begeleidingsdienst moet u als ouder altijd eerst schriftelijk toestemming geven. U krijgt ook altijd persoonlijk de inhoud van het advies te horen.

Het Zorgplan

Onze school maakt deel uit van een samenwerkingsverband van basisscholen en van scholen voor speciaal basisonderwijs. Dit samenwerkingsverband is het Nieuw Interzuilair Samenwerkingsverband (het NIS). Leerkrachten, directies en schoolbesturen werken in het samenwerkingsverband aan de centrale opdracht: Het inrichten van een zorgstructuur waarbij alle leerlingen de zorg krijgen die ze nodig hebben om een ononderbroken ontwikkelingsproces optimaal te kunnen doorlopen. In het zorgplan van het NIS wordt beschreven welke activiteiten ondernomen worden voor het realiseren van zorg op maat voor alle leerlingen. Op grond van het aantal leerlingen krijgen scholen gelden van het Rijk om die zorg te bekostigen. Over de besteding van die gelden wordt gezamenlijk binnen het samenwerkingsverband besloten.

In grote lijnen zijn de volgende afspraken en activiteiten in het zorgplan vastgelegd: • iedere basisschool geeft-binnen bepaalde minimumeisen-zelf vorm aan de zorg voor alle leerlingen. Binnen iedere school spelen de IB-ers daarin een coördinerende rol.
• lokaal zijn de scholen gegroepeerd in werkverbanden. Hierin wordt onder andere door interne begeleiders van de betreffende scholen door uitwisseling van ervaringen gewerkt aan verbreding en verbetering van de activiteiten rondom zorg.
• waar scholen in de begeleiding van leerlingen extra zorg en ondersteuning nodig hebben kunnen ze een beroep doen op begeleiders van de Onderwijs BegeleidingsDienst (OBD). De OBD- medewerkers vormen, samen met collegiale consultanten (leerkrachten uit het speciaal basisonderwijs) van het NIS, een zorgteam. Vanuit de zorgteams kan ondersteuning worden ingezet op leerkrachten ten behoeve van een leerling.
• binnen het NIS zijn vier scholen voor speciaal basisonderwijs. Wanneer leerlingen met de extra zorg op de basisschool niet voldoende begeleid kunnen worden, kunnen zij op deze scholen speciaal basisonderwijs volgen. v • om hun kind op één van de scholen voor speciaal basisonderwijs te laten plaatsen, moeten ouders/verzorgers een aanvraag indienen bij de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL) van het NIS.
De school stelt een onderwijskundig rapport samen dat na ondertekening van de ouders wordt opgestuurd naar de PCL. Deze commissie beslist of een kind in aanmerking komt voor een plaats op een school voor speciaal basisonderwijs. De PCL geeft ook een advies omtrent de meest geschikte schoolsoort voor het kind. De school kan de ouders informeren en begeleiden bij het aanvragen van een dergelijke beschikking. De keuze of een kind al dan niet naar het speciaal onderwijs gaat, ligt altijd bij de ouders. De school adviseert en begeleidt alleen maar.

Verwijzing naar het speciaal onderwijs

Binnen onze mogelijkheden willen we onze leerlingen het onderwijs bieden dat zij nodig hebben. Soms echter moeten wij erkennen dat een kind meer gebaat is bij een speciale vorm van onderwijs. Zo'n beslissing komt uiteraard in overleg met ouders tot stand en niet eerder dan na een zorgvuldige afweging van alle factoren.

Regels met betrekking tot schorsing en verwijdering

Wanneer, om welke reden dan ook, een leerling niet meer te handhaven is kan er over gegaan worden tot schorsing en zelfs verwijdering. Schorsing en verwijdering zijn natuurlijk geen maatregelen die lichtvaardig gebruikt worden, en worden alleen dan gebruikt als alle ten dienste staande middelen en maatregelen zijn geprobeerd. Schorsing en verwijdering zijn het sluitstuk van een proces dat de school met ouders en kind doormaakt. De school overlegt in een tijdig stadium met ouders over de situatie waarin hun kind verkeert. Een algemene reden van schorsing is het excessief toepassen van lichamelijk geweld of bedreiging door een kind, waardoor er voor andere kinderen een onveilige situatie ontstaat.


Ouders en de school

Informatie voor nieuwe ouders

Het kiezen van een school voor uw kind is een belangrijke zaak. U wilt weten wat u van de school kunt verwachten en wat de school van u als ouder(s) verwacht. Bovendien kiest u in beginsel een school voor een periode van 8 jaar. Het is dan ook goed om hier zorgvuldig mee om te gaan.

Inschrijving van leerlingen U kunt een afspraak maken met de directie. Als u vooraf even belt weet u zeker dat zij aanwezig is en even tijd voor u vrij kan maken. U krijgt dan alle nodige informatie, een rondleiding door de school en u kunt eventueel een afspraak maken met een leerkracht om te komen kijken. Bij inschrijving is het noodzakelijk dat u het uitschrijvingsbewijs van de andere school meeneemt. Als uw kind nog 4 moet worden mag het alvast (5 ochtenden) komen wennen. Dit kan vanaf 6 weken voor zijn/haar 4e verjaardag. U kunt met de groepsleerkracht waarbij uw kind geplaatst wordt een afspraak maken wanneer dit uitkomt.

Uitschrijving van leerlingen Als u verhuist en daardoor uw kind op een andere school moet inschrijven, heeft u hiervoor een bewijs van uitschrijving uit de leerlingenadministratie nodig. Wettelijk is bepaald dat scholen kinderen niet zonder zo'n verklaring mogen inschrijven. Een bewijs van uitschrijving kunt u vragen aan de directeur. De leerlingenadministratie is namelijk centraal geregeld. In- en uitschrijving van leerlingen gaat altijd via de directeur.

Aannamebeleid Ieder kind is in principe welkom op onze school. De wet maakt het mogelijk dat ouders steeds meer keuze hebben om kinderen met een handicap in de buurt naar school te laten gaan in plaats van naar het speciaal onderwijs. Het is de bedoeling om kinderen met een handicap een leerling gebonden financiering te geven, de zogenaamde “Rugzak”. Een onafhankelijke commissie oordeelt of een kind met een handicap in aanmerking komt voor een Rugzak (de commissie voor indicatiestelling, CVI). Ouders kunnen dan kiezen of ze het geld uit deze Rugzak besteden in het “gewoon” of in het speciaal onderwijs. De Rugzak is bedoeld voor kinderen met een zintuiglijke-, lichamelijke- of verstandelijke handicap en voor kinderen met ernstige gedragsstoornissen die niet zonder meer naar het reguliere basisonderwijs kunnen. Onze school heeft als taak voor ieder kind adequaat onderwijs te realiseren. Daaronder wordt verstaan een het kind passend onderwijs aanbod zowel in pedagogisch als didactisch opzicht, dus zoveel mogelijk afgestemd op wat het kind nodig heeft. Passend onderwijs, rekening houden met wat wenselijk maar ook wat voor de school haalbaar is. Daarbij komen o.a. vragen aan de orde als: wat heeft het kind nodig, welke kennis is er al, welke knelpunten zijn er, kunnen wij een oplossing bieden en wie kunnen daarbij eventueel helpen? Onze school heeft ook haar beperkingen. De mogelijkheden om kinderen met een Rugzak op te nemen hangen samen met de volgende grenzen:
• De grondslag voor de school (visie onderwijs)
• Verstoring van rust en veiligheid (pedagogisch leefklimaat)
• Verhouding verzorging/behandeling en onderwijs
• Verstoring van het leerproces
• Gebrek aan opnamecapaciteit/verhouding groep (zorgleerlingen, groepsgrootte en de groepsbezetting)

Alvorens de school overgaat tot de toelating van een leerling met een REC indicatie dient een zorgvuldige afweging plaats te vinden. Een eventuele plaatsing van een dergelijke leerling in het regulier primair onderwijs mag niet de ontwikkeling van het kind of de groep waarin het geplaatst wordt schaden. Hoewel onze school het als haar taak ziet in voldoende mate tegemoet te komen aan de ontwikkelingsbehoefte van de leerling, zijn sommige kinderen beter op hun plaats in het SBO.

Om tot een zorgvuldige afweging te komen, wordt het volgende stappenplan gehanteerd.
1. Een gesprek met de ouder/verzorger en het opvragen van informatie bij het REC.
2. De directeur informeert het bestuur, de medezeggenschapsraad (MR) en de inspectie.
3. Aan de hand van een bestaande checklist (VOS ABB) worden de hulpvragen van het kind en de mogelijkheden van de school in kaart gebracht.
4. De directeur en het team bespreken de verzamelde informatie en de mogelijkheden binnen de school eventueel in samenwerking met het REC.
5. De directeur bespreekt met de ouder/verzorger de stand van zaken, de voor- en nadelen, de knelpunten. Wellicht is verder onderzoek informatie opgevraagd, vindt overleg plaats met de ouder/verzorger, bestuur, eventueel MR en inspectie, alvorens er formeel een besluit wordt genomen.
6. De directeur neemt een formeel besluit op basis van een bestaand diagram, eventueel na overleg met bestuur. Dit besluit kan inhouden:
- inschrijving en plaatsing zijn mogelijk;
- inschrijving en plaatsing zijn mogelijk onder voorwaarden;
- inschrijving en plaatsing zijn mogelijk op korte of lange termijn;
- inschrijving en plaatsing zijn niet mogelijk.

Indien er tot inschrijving en plaatsing wordt overgegaan:
- volgt een gesprek met de ouder(s)/verzorger(s);
- worden de afspraken vastgelegd in een contract;
- worden bestuur, Samenwerkingsverband en MR geïnformeerd.

Indien er niet tot plaatsing wordt overgegaan:
- ontvangen de ouder(s)/verzorger(s) de motivering van dit besluit op schrift en wordt met hen gezocht naar alternatieven;
- worden bestuur, Samenwerkingsverband, MR en de inspectie geïnformeerd.

Heeft u vragen over het bovenstaande, dan kunt u zich wenden tot de leerplichtambtenaar.

Voor meer informatie: “Ruggensteun bij de Rugzak” een handreiking voor ouders bij de schoolkeuze voor hun gehandicapte kind. Te bestellen bij OUDERS & COO telefoonnummer: 0343 – 513 434; e–mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. Of u kunt terecht op de speciale website voor ouders met een gehandicapt kind. www.oudersenrugzak.nl

Kennismakingsavond aan het begin van het schooljaar

Aan het begin van het schooljaar organiseren we een informatie/ kennismakingsavond voor ouders. U kunt dan in alle lokalen informatie over de groep en het leerjaar krijgen waarin uw kind(eren) zit(ten). In gangen en andere ruimtes kunt u informatie over allerlei algemene onderwerpen vinden. U ontvangt nog nader bericht over de datum van deze avond.

Hulp van ouders in de school

Hulp van ouders vinden wij voor onze school van groot belang. Zonder uw hulp kunnen wij een aantal activiteiten niet organiseren Ouders kunnen op allerlei manieren betrokken zijn bij school. Er kunnen vragen zijn over allerlei schoolse zaken. Ook willen ouders soms een helpende hand toesteken. Ouders kunnen participeren in de dagelijkse gang van zaken op school. Om diverse activiteiten goed of beter te laten verlopen, kunnen we niet buiten de hulp van ouders.

Wij kunnen u hulp altijd gebruiken voor o.a.:
• vervoer bij uitstapjes naar bijv. kinderboerderij, museum;
• hulp bij feesten en projecten, versieren van de school, inkopen doen, helpen bij verschillende activiteiten etc;
• klusjes, speelgoed opknappen, repareren, schoonmaken, opruimen;
• voorlezen, spelletjes doen in de groep;
• helpen bij sportactiviteiten.
Wij hopen dat u zich wil opgeven om zo nodig te helpen bij een of meer van de bovenstaande activiteiten. Dit kan bij de leerkracht van uw kind of op een van de intekenlijsten tijdens de kennismakingsavond. Ouderraad
In de ouderraad worden de ouders uitgenodigd mee te denken bij het organiseren van allerlei evenementen en activiteiten. In de huidige ouderraad zijn 2 leerkrachten en 8 ouders vertegenwoordigd. Wij hopen dat u degene bent die onze ouderraad kan komen versterken. Zie bijlage “nuttige adressen” voor de contactpersoon van de ouderraad

Voorlichting voor ouders over het Voortgezet Onderwijs

Voorlichting over het V.O. in het algemeen wordt gegeven aan ouders van kinderen in groep 8, maar ook ouders van kinderen in groep 7 zijn welkom. In januari/februari heeft u een individueel gesprek met de leerkracht van uw kind over het advies van de school, het zogenaamde schoolkeuzegesprek. Dit zijn individuele gesprekken met ouders over het advies van de school aan hun kind(eren). De school stelt een onderwijskundig rapport op voor de gekozen school voor voortgezet onderwijs, en stuurt dit op. Ouders kunnen deze gegevens desgewenst inzien. Aanmelding is uiteindelijk de verantwoordelijkheid van de ouders. In januari organiseert het V.O. een scholeninformatiemarkt. Wij stimuleren ouders en kinderen om de markt te bezoeken. De uiteindelijke aanmelding bij de gekozen school voor V.O. loopt via school. Dit is om misverstanden rond de aanmelding te voorkomen. Leerlingen van onze school stromen uit naar alle vormen van voortgezet onderwijs van VMBO tot aan VWO. Een goede aansluiting passend bij het ontwikkelingsniveau van het kind vinden wij erg belangrijk.

Informatie naar ouders

Maandkalender
Onze maandkalender verschijnt aan het begin van iedere maand. Hier vindt u de activiteiten op terug die belangrijk zijn voor u, de ouder, en de kinderen. U kunt hier ook de vrije dagen op terugvinden.

Web-site
Dit jaar wordt ook onze website in gebruik genomen en kunt u hierop inloggen. Naast informatie over de school zal via deze website in de toekomst de schoolkrant en mededelingenblad kunnen printen.


Samenwerking met andere instanties

Breed Educatief Centrum Soest

Toen de kans zich voordeed om deel te nemen aan de opzet van een Brede School in de wijk Smitsveen, waren wij als openbare school direct enthousiast. Daar wij als onderwijskansenschool al actief in allerlei netwerken met verschillende instanties samenwerken, zien wij dit als een positieve ontwikkeling om de huidige samenwerking te verbeteren en uit te breiden. Het doel van deze intensieve samenwerking is ontwikkelingskansen voor kinderen van 0 t/m 12 te vergroten, door het versterken van de samenhang tussen school, gezin en buurt. De winst van deze opzet zit in de extra activiteiten buiten de schooluren ook de ouders worden actief betrokken bij de school.

Belangrijke punten daarbij zijn:
• kind in zijn omgeving staat centraal;
• partners werken intensief samen;
• streven naar kwaliteit van dienstverlening;
• collectieve pedagogische/agogische visie;
• wijk en buurt ontmoetingsfunctie;
• evenredig gebruiksmogelijkheden voor bewoners;
• centrale veilige plek in de buurt;
• optimaal gebruik van de ruimte;
• gelijkwaardigheid van alle instellingen;
• mensbeeld: verschillend maar gelijkwaardig & eigen benadering.

Samenwerkende instanties in het Breed Educatief Centrum de Plantage:
• Balans (welzijn);
• SKS (Stichting Kindercentra Soest);
• Openbaar onderwijs;
• Mickey’s Kinderdagverblijf.

Andere instanties waar mee samengewerkt wordt:
• Scholen in de Kunst;
• ROC;
• Bibliotheek/Idea;
• Politie;
• Maatschappelijkwerk;
• GG&GD;
• Kunst Centraal.

Stichting Balans

Het openbaar onderwijs werkt samen met de Stichting Balans (de stichting op het gebied van Welzijn). Deze samenwerking moet ertoe leiden dat kinderen en ouders op school zowel voor onderwijs als voor buitenschoolse activiteiten terecht kunnen. Ook organiseren wij samen allerlei activiteiten voor ouders over opvoeden, computergebruik en taallessen e.d. Als u hierover wilt meedenken en meepraten dan horen wij dit graag. U kunt hiervoor contact opnemen met de directeur.

Stichting Kunst en Centraal/Scholen in de Kunst/ Muziekschool Soest

De Stichting Kunst Centraal verzorgt begeleiding voor de scholen in de regio Eemland op het culturele en kunstzinnige vlak. Deze begeleiding is zeer uiteenlopend: van het bemiddelen ten behoeve van voorstellingen (muziek, lezingen etc.) tot kant en klare projecten als "Kunst bij de kop" De contacten met de stichting betreffen doorgaans voorbesprekingen van te realiseren projecten, waarbij leerkrachten worden gecoacht in de uit te voeren voorbereidingen. Met Scholen in de Kunst/Muziekschool Soest is er een nauwe samenwerking. De muzieklessen worden gegeven door muziekdocenten van de muziekschool. Er is regelmatig overleg over de inhoud en de organisatie van naschoolse activiteiten zoals bijvoorbeeld Djembé-lessen en Streetdance etc.

Contacten met andere instellingen

Stichting Kindercentra Soest

Peuterspeelzaal Pippeloentje
Met peuterspeelzaal Pippeloentje zijn intensieve contacten in verband met overdracht, het werken met het programma Kaleidoscoop en het organiseren van enkele gezamenlijke activiteiten

Kinderdagverblijf Mickey’s
Ook met kinderdagverblijf Mickey’s zijn er contacten, tijdens onze inhoudelijke overlegmomenten.

Voortgezet onderwijs
Er zijn ook intensieve contacten met scholen voor voortgezet onderwijs. Groep 8 staat voor ouders en kinderen bijna het hele jaar in het teken van de overgang naar het voortgezet onderwijs. Ouders en kinderen worden op diverse manieren geïnformeerd over de diverse scholen. De scholen voor voortgezet onderwijs informeren ons tot aan het 3de leerjaar over de vorderingen van hun leerlingen (zie ook hoofdstuk 6.4)

Instroom:
In het kader van kinderen die aangemeld worden voor groep 1 zijn er contacten met diverse peuterspeelzalen.

Uitstroom:
Speciaal onderwijs: als kinderen naar een school voor speciaal onderwijs worden geplaatst zijn er intensieve contacten met deze scholen. Een plaatsing naar het speciaal onderwijs gaat altijd in overleg met de Permanente Commissie Leerlingenzorg (PCL), de OBD en de ouders.

Onderwijs Begeleidingsdienst “Eduniek”

De onderwijsbegeleidingsdienst “Eduniek” zorgt voor begeleiding bij de kwaliteitsverbeteringen van ons onderwijs. Hiertoe worden jaarlijks begeleidingsafspraken gemaakt. Deze worden vastgelegd in het begeleidingsplan. Ook doet de school een beroep op de deskundigheid van de begeleidingsdienst voor pedagogisch en didactisch onderzoek bij kinderen (zie hiervoor ook het hoofdstuk over de leerling-zorg).

GG&GD “Eemland”

In het kader van het periodiek onderzoek is er contact tussen schoolarts en leerkracht van het kind (5 jarige leeftijd). De leerlingen uit groep 2 krijgen via de school een oproep voor onderzoek door de schoolarts. Dit is een lichamelijk onderzoek waaraan voor u geen kosten verbonden zijn. Voor kinderen uit andere groepen kan door de school een onderzoek worden aangevraagd. De school, maar ook u als ouder, kan een beroep doen op de schoolarts met vragen over de lichamelijke ontwikkeling van een kind. Preventieve gezondheidsonderzoeken vinden plaats in het Medisch Centrum (voor de kinderen uit groep 2 en 5). De naam van onze schoolverpleegkundige is: Tineke Hofma.

Bibliotheek

Met de Openbare Bibliotheek hebben we goede contacten. Voor allerlei activiteiten halen de leerkrachten daar boeken en regelmatig brengen groepen van onze scholen een bezoek aan de bibliotheek. Ook werken we samen op het gebeid van Kunst en Cultuur in de vorm van samenwerking aan projecten en cursussen.

De kwekerij

De “Kwekerij” is het milieueducatief centrum van de gemeente Soest. De school meldt de groepen aan voor de activiteiten die er voor het schooljaar op het programma staan. Groepen kunnen na aanmelding gebruik maken van zo genaamde leskisten, of tentoonstellingen of workshops bezoeken.

Kinderboerderij “Veenweide”

De contacten met de kinderboerderij spelen zich voornamelijk af op het gebied van de natuureducatie. Groepen kunnen gebruik maken van de faciliteiten die de kinderboerderij biedt, zoals het aanwezig zijn bij de verzorging van diverse dieren. Ook worden er bezoeken gebracht aan 'doe-ochtenden of middagen'.

Buurtnetwerk Jeugdhulpverlening

Het buurtnetwerk is een vorm van samenwerking van mensen die bijna dagelijks met kinderen en hun ouders werken. Samen bespreken zij ingebrachte signalen over problemen bij kinderen uit de buurt. Het is belangrijk om problemen bij kinderen zo vroeg mogelijk te signaleren. Een lichte vorm van hulpverlening kan dan al voldoende zijn om de problemen op te lossen of te verminderen. Samenwerking is daarbij van het grootste belang. Rondom de tafel van een buurtnetwerk zitten mensen uit verschillende disciplines, bijv. leerkrachten/directeur van de basisschool, de wijkverpleegkundige, de wijkagent, de maatschappelijk werker etc. Samen kunnen zij een vollediger beeld krijgen van een kind en daar waar nodig is de hulpverlening inschakelen. De privacy van de kinderen is gewaarborgd omdat de kinderen alleen met naam besproken worden als er toestemming is van de ouders. Het doel van het buurtnetwerk is het vroegtijdig signaleren van problemen bij kinderen in een gestructureerd overleg.

Opstap

Het opstap project is een tweejarig opvoedingsondersteunings- en onderwijsstimuleringsprogramma voor moeders met kleuters. Het project bestaat uit:
• Het stimuleren van de cognitieve ontwikkeling en de taalontwikkeling.
• Het bevorderen van een actieve leerhouding bij het kind.
• Het ondersteunen van de pedagogische omgang (ouder- kind interactie)
• Het project wordt op school aangeboden.

Overstap

Een project voor kinderen en ouders uit groep 3. Het ondersteunt het aanvankelijk leesonderwijs in de klas met activiteiten die thuis uitgevoerd moeten worden door ouder en kind. Het stimuleert het lezen en voorlezen thuis. Er worden 11 bijeenkomsten georganiseerd, daar zullen verschillende thema's behandeld worden. Materiaal om thuis mee te werken is op school kosteloos te leen.

izalie
Deze website is gerealiseerd door Izalie - internet dienstverlening